Dagboek van Ouwe Leon: 04.01.2009
Nieuwjaarswensen sturen is mijn ding niet. Niet dat ik vrienden en familie het allerbeste niet zou toewensen met het aanbreken van een nieuw jaar, maar ik vind het een klein beetje onzin. Ik vind het zo normaal dat ik iedereen het beste toewens, dat ik het abnormaal vind dat ik daarbij een kaartje moet sturen om hen daarvan te overtuigen. Het kan natuurlijk ook uit luiheid zijn dat ik het gedurende jaren niet gedaan heb, maar de laatste jaren doe ik het wel.
Er zijn twee groepen bestemmelingen. Enerzijds familie en kennissen, anderzijds een aantal buren. Vooral de tweede reeks heeft mij er toe aangezet om nu elk jaar, met de jaarwende, nieuwjaarswensen te sturen. En die buren krijgen de laatste jaren altijd iets origineels. Met die originaliteit bedoel ik dan: niet zomaar een doodgewoon kaartje, maar iets dat mij tijd en werk gevraagd heeft. Ik vind namelijk een ‘ordinair’ wensenkaartje onpersoonlijk en onbeleefd. Zo zijn het dikwijls kaartjes die ze niet eens gekocht hebben om naar een bepaald iemand te sturen, maar die ze nog hebben toen ze een goed doel wilden steunen of die ze zich op de markt aangeschaft hebben aan 1 euro per dozijn. Waarmee ik ook niet bedoel dat een goed doel steunen, verkeerd zou zijn.
Er is daar allemaal niks mis mee. Zelf maak ik er wel iets persoonlijks van en dat heeft altijd te maken met mijn computer. Alleen, dit jaar wilde de inspiratie maar niet komen. Hoe ik ook dacht en dacht en dacht, het lukte maar niet. Zodat ik al begon te vrezen dat ik het einde van 2008 zou afsluiten zonder wenskaartjes. Tot wanneer de muze op bezoek kwam.
Ze fluisterde mij in het oor de afbeelding op de kaartjes maar te vergeten en op het binnenblad een tekst te zetten die iedere buur tevreden zou stellen. Ja, misschien wel in rijmvorm, want ik had toch een rijmprogramma gevonden (sic) op het internet dat ik daarvoor zou kunnen gebruiken.
Van dan af aan verliep alles zeer vlot en ik wil de tekst jullie niet onthouden. Het klinkt niet zoals Karel van de Woestijne, of zoals Vondel of Gezelle, noch zoals Adema van Scheltema of Marnix van Sint Aldegonde, maar het deed toch in de buurt de ronde. En sloeg aan.
Dag beste buur
Straks zitten we in 2009
… en komen we elkaar weer dagelijks tegen.
Een verre groet van Nancy en Rudi
een sportbabbel met Henri,
een grapje met Germaine,
een ‘Hallo’ van Emilienne,
een snelle groet, een flits van Cindy,
een vriendelijk woord van Joyce, Willy en Sandy,
een ietwat luidruchtiger van Amber en Dylan
…’Dag Leon, dag Peter, dag Toby’
Ah, het zijn die kleine dingen die het hem doen
… meer hebben we niet van doen.
Dus beste buren,
mogen in 2009 de vreugdevolle uren
… heel lang duren.
Ik drukte het af op etikettenpapier A4 en plakte het ‘gerimrambel‘ op de binnenzijde van de kaartjes, waar anders met de hand geschreven ‘Beste wensen van…’ op staat. De buren waren er blijkbaar dolgelukkig mee want iedereen herkende er zichzelf in. Wat ook zonder de naam zou gekund hebben. Het mooiste compliment kreeg ik van Germaine (81): “Bedankt veur eu schuun koartse. Straks vliegen ze wel ollemol van mennen dressoir, moar da van eu, bleft erop stoin.”
Het zijn inderdaad de kleine dingen die het hem doen.
PS: Amber (10) en Dylan (8) roepen van de overkant van de straat. Cindy is het vrouwke van onze voorzitter
Laatste reacties